Eén keer waren we in Bemelen, Limburg gestationeerd. We hadden een vlot gebouwd waar we een meer mee over staken. We zongen liederen rond een enorm kampvuur. Er was een ouderwetse waterpomp die heerlijk ijzerrijk water uit de Limburgse klei omhoogstuwde. We moesten zelf gehaktballen braden. Maar net zoals nu ben ik geen geweldige kok. Ik vergat de boter en de vlam sloeg meters uit de pan. Voor je behoefte moest je naar een houten WC huisje even buiten het kamp. Ik moest hoognodig en ging er naar toe. Maar ook weer net zoals nu, liet m'n oriëntatievermogen me danig in de steek. Ik ging de verkeerde kant uit (hoe zou dat toch komen?) en verdwaalde prompt in het uitgestrekte bos. Ik weet niet of de fantasie een loopje met me nam, maar ik kwam van allerlei dieren, onder wie enkele prachtige herten tegen en meende op een gegeven moment zelfs stropers in actie te zien, kompleet met jachtgeweren. Was toch wel wat bang geworden en was blij (het lijkt wel Hans & Grietje) dat ik in de verte licht van een huisje zag. Daar, bang als een wezel, mensen aangesproken, die me terug naar het kamp brachten, waar ze me ook al aan het zoeken waren. Niet de eerste keer, want tijdens een schoolreisje naar Parijs, hebben ze ook al eens een zoekactie gehouden, nadat ik verdwaald was. Al met al is deze verstrooide persoon er nog steeds niet achter wie al die mensen, inclusief mezelf, op die foto zijn die ik van Cor van het Wapen van Londen heb gekregen. Misschien toch een beetje mijn verleden verdrongen???