Ondertussen was de kroeg, die hij in de BIJLMER wilde beginnen een bodemloze put aan het worden. Hij wilde een multiculturele bar voor iedereen, ruimdenkend, breed georiënteerd
. Maar het stadsdeel Zuidoost had net een nieuwe horecanota aangenomen waarin duidelijk stond dat in woonbuurten geen horeca was toegestaan. Heel dom, vond hij want in de winkelcentra waar ze wel waren toegestaan was het vreselijk onveilig. De rolluiken van de winkels waren 's avonds allemaal dicht, er liep geen mens op straat, dus gevaar voor overvallers, etc.
De huren in de winkelcentra waren voor een normale startende ondernemer niet te betalen
en ga zo maar door. Hans besloot de stoute schoenen aan te trekken en toog naar een gemeenteraadsvergadering waar het horecabeleid op de agenda stond. Hij had enkele minuten spreektijd en kreeg veel bijval, maar helaas resulteerde dat niet in een versoepeling van het beleid. Dan maar elders zoeken.
Inmiddels hadden de travestieavonden in het studentencafé er al bijna twee jaar opzitten. De Oostenrijker was zurück in die Heimat. De idee werd geboren om i.p.v. een multicultureel café een travestiecafé te beginnen. Dat was, zeker in de binnenstad een gat in de markt.